HN11, een schip met historie.

Een van de schepen van de Bruine Vloot is de Botter HN11 welke vaart bij het Schipperhuijs. De schipper is Roel Blokhuis. Het is een prachtig schip dat oorspronkelijk gebouwd werd als koopbotter in 1916 bij Janus Kok in Huizen en het nummer HZ11 kreeg. Koopbotters werden gebruikt om op zee bij de vissers, meestal in opdracht van een vishandelaar de vangsten op te kopen en daarna aan land te brengen. De bouw van het schip en ook het snijden van de zeilen was er op gericht om snel te kunnen varen. Een voorwaarde om effectief te kunnen opereren als koopschuit.
Er waren in die tijd diverse rokerijen in Huizen die praktisch allemaal een koopschuit hadden om de vis op te kopen op zee. De HZ11 voer voor de z.g. Spijkerploeg. Een collectief van viskooplieden met een eigen visrokerij gevestigd in Huizen. Tegenwoordig zouden we zeggen een joint venture. Op 18 januari 1918 is er in de krant zelfs te lezen dat er een paard is gestolen op de Huizer Meent. Het paard behoorde toe aan verschillende personen en was werkzaam voor de z.g. Spijkerploeg.
Schipper Gep Bout heeft de HZ11 gevaren vanaf 1916, waarschijnlijk als zetschipper in dienst van de Spijkerploeg. In het boek van “ Van gaand en staand want” van Peter Dorleijn beschrijft schipper Gep Bout het schip als iets langer dan normaal en wat hoger getuigd, spullen eerste klas. Je kon gerust je tabak onder de leggers gooien, want je moest er in de zomerdag water ingooien in plaats van er uit halen. Zoals de meeste Gooier botter was de HZ11 zwaar gebouwd. De afmetingen zijn: lengte, 13,95 meter, Breedte: 4,35 meter en Diepte: 0.90 meter 

Op een schepenlijst van de gemeente Huizen gemaakt in de twintiger jaren, blijkt dat op dat moment de schipper, J. Westland is. Hij is geboren in 1866 en als knecht staat vermeldt, J. Bout geboren 1863. De eigenaar van het schip is nog steeds de ”Spijkerploeg” en de HZ11 staat nog ook steeds te boek als koopvaartuig. Het feit dat de HZ11 in 1932 verkocht werd heeft ongetwijfeld te maken met de afsluiting van de Zuiderzee in dat jaar.

Het schip werd in 1932 overgenomen door de gebroeders Homan uit Hoorn en omgenummerd naar HN11. De gebroeders Homan, Piet en waarschijnlijk Roelof waren oorspronkelijk afkomstig uit Wijdenes, een dorpje in de buurt van Hoorn met een heel klein haventje. Zij visten vanuit deze kleine haven met een schouwtje, van beperkte afmetingen, de HN11. Zij hebben zelfs in 1929 nog een 6pk motor in deze boot laten zetten. Door de aanleg en sluiting van de Afsluitdijk in 1932 verzandde het haventje van Wijdenes onophoudelijk. Ook was het voor de vissers van Wijdenes met hun kleine scheepjes waarmee voorheen gevist werd op de Zuiderzee, moeilijk een lonend bedrijf uit te oefenen op het IJsselmeer. In 1940 waren dan ook alle vissersschepen verdwenen uit het haventje van Wijdenes. Dit is waarschijnlijk een reden, dat de gebroeders Homan overgingen tot de aankoop van de veel grotere botter, de HZ11, die als HN11, Hoorn als thuishaven kreeg.

In de eerste jaren na de afsluiting van de Zuiderzee werd door de HN11 nog gevist op haring in z.g. kamers in de Waddenzee. De haringvangst kon een aantal jaren na de afsluiting nog steeds worden uitgeoefend op de Waddenzee. Dit kan ook een reden zijn geweest voor de gebroeders Homan om de HN11 te kopen. Veel voormalige Zuiderzeevissers rekenden erop, dat dit iets blijvends zou zijn, maar biologen voorspelden het uitsterven van de Zuider-zeeharing. Dit laatste gebeurde inderdaad en ná enige jaren liepen de vangsten sterk terug om vervolgens geheel te stoppen.

Foto Tagrijn. HN11 in de haven van Hoorn

In 1958 werd de HN11 verkocht aan Albertus Janssen uit Harderwijk. Albertus Janssen (1900) had daarvoor al jaren gevist samen met Jan Janssen waarschijnlijk zijn vader, onder het visserijnummer HK 23. In 1949 heeft Albertus deze botter, de HK23 verkocht aan Willem Bootsma uit Lemmer. In 1958 op de leeftijd van 58 heeft Albertus schijnbaar besloten het visserijbedrijf nog een keer op te starten en daarom werd de HN11 gekocht en omgenummerd naar het oude visserijnummer HK23. Er was waarschijnlijk nog een vergunning op naam van de HK23. Zijn leeftijd en de aanleg van Oostelijk Flevoland zullen de reden zijn dat Albert Janssen zijn schip in 1963 weer verkocht heeft aan Henk Meester uit Purmerend. Uiteindelijk is het schip omstreeks 1973/1974 gezonken en op de bodem terecht gekomen van de Purmerringvaart ergens tussen Edam en Purmerend. In 1981 is het schip door Willem Hos weer naar boven gehaald en in 20 maanden tijd volledig gerestaureerd.
Op 7 mei 1983 is de botter weer te water gelaten in de Nauernasche vaart bij Westzaan onder haar oude nummer HN11. Bijzonder was dat de laatste visserman Albert Janssen, oud 83 jaar hierbij aanwezig was en tot tranen toe geroerd dat hij dit nog meemaakte. De ligplaats werd toen den Oever. In 1998 werd het schip gekocht door Peter van Voorst en kwam het schip in Monnickendam terecht. Daar ging het in 2003 over naar Dries van Zon. In de periode van 1983 tot heden heeft het schip voornamelijk dienst gedaan voor de recreatie en verhuur. Het schip is in deze periode bijzonder goed onderhouden en verkeert in een bijna 100% originele staat. Het Schippershuijs kreeg in 2005 de kans het schip over te nemen en heeft daar geen seconde over getwijfeld. Zij zijn dan ook bijzonder trots op dit bijzondere schip, dat de naam HN11 zal blijven dragen. Het historie van de HN11 is in feite het verhaal, wat er gebeurde met de vissers en hun schuiten door de drooglegging van de Zuiderzee. Het voortbestaan van een schip als de HN11 met zijn historische verleden is merendeels afhankelijk van een groep enthousiaste vrijwilligers, die zich willen inzetten om de schepen aan het varen te houden en voor de museumhaven Spakenburg te behouden. Een trip met de HN11 is te boeken via, botter.nl of info@botter.nl

Hans Hoitink, secretaris, Bruine Vloot.

Nieuw gevelbord voor historische Visafslag.

Het nieuw geplaatste bord aan de gevel van de Visafslag.
Het nieuw geplaatste bord aan de gevel van de Visafslag.

De Visafslag op de kop van de Museumhaven wordt door “Vereniging de Bruine Vloot Spakenburg” gebruikt voor diverse activiteiten. Aan de buitenmuur van de Visafslag hing lang een bord met daarop de aanduiding “Bottermuseum”.

Dit bord dekte echter niet de lading. Hoewel de voormalige gemeentelijke Visafslag een rijksmonument is met veel historische details, is het absoluut geen museum, maar een levendige plaats waar regelmatig veel gebeurt.
Er is nu een bord aan de gevel gehangen, dat meer recht doet aan de historische locatie en dus de lading beter dekt.
De Visafslag is onlosmakelijk verbonden met de historie van Spakenburg als vissersplaats. Het gebouw ziet er nog net zo uit als het er in 1923 werd neergezet.



In de trapsgewijs oplopende banken (genummerd van 1 tot 100) zaten jarenlang generaties handelaren die hun slag probeerden te slaan. 


De veilingklok met de zinken kiepbak op rails: het is er allemaal nog. 


Ook de oude geldkluis in ‘t kantoortje met het loket is er nog.
Hierdoor werden de vissers  uitbetaald voor hun vangst.
Zelfs het afsluithaakje in het toilet ziet er historisch uit.

In 1986 was er van de Spakenburgse visserij zo weinig overgebleven dat besloten werd de veilingactiviteiten te stoppen. Nu gebruikt Vereniging de Bruine Vloot het monumentale gebouw voor al haar activiteiten. Bijvoorbeeld: de jaarlijkse Visserijdag, de Monumentendagen, de Spakenburgse dagen, bijeenkomsten en vergaderingen van de Vereniging. 

Maar de afslag is ook te huur als romantische trouwlocatie! 
Willem van Diermen en/of Willem de Graaf weten de bezoekers altijd te boeien met hun humoristische, aanschouwelijke verhalen over het visserijverleden van Spakenburg.
De voormalige Visafslag, de Museumhaven met haar historische vissersschepen – de botters – ,  Scheepstimmerwerf Nieuwboer en Museum Spakenburg, met elkaar vormen ze een combinatie van cultureel erfgoed die volkomen authentiek en uniek is in Nederland, ja zelfs in de wereld!

 

Botters in oorlogstijd

Aardappelen varen met botters vanuit Museumhaven Spakenburg
tijdens de Hongerwinter van 1944/45.
 
74 jaar geleden leed het Westen van Nederland onder de gevolgen van de Hongerwinter.
Door blokkades op te werpen bij de Afsluitdijk, de bruggen over de IJssel en de Friese/Overijsselse IJsselmeerhavens èn het niet meer afgeven door de Duitse bezetter van transportvergunningen, werd vervoer van voedsel naar het Westen van Nederland geblokkeerd.
(Het Zuiden van Nederland was tijdens de Hongerwinter al bevrijd).
Omdat de frontlijn daarom dwars door Nederland liep – ruwweg langs de grote rivieren – kon er ook geen Limburgse steenkool naar West-Nederland worden vervoerd.
 
Dit alles veroorzaakte in West-Nederland een humanitaire ramp van catastrofale omvang.
Naar schatting twintigduizend mensen kwamen om
door honger en kou.
Toen duidelijk werd, dat een echte hongersnood aanstaande was, besloot de Duitse rijkscommissaris Seyss-Inquart het voedselvervoer over het IJsselmeer weer toe te staan.
Vanaf het platteland kon, zo was het idee, toch weer wat voedsel naar de hongerende bevolking in het Westen van het land worden gebracht.
Maar de aanhoudende vorst maakte het varen over
het IJsselmeer rond Kerst 1944 al onmogelijk.
Pas in februari 1945 was het mogelijk te starten met de voedselvaarten.
In de Hongerwinter van 1945 is ook een deel van de Bunschoter bottervloot ingezet om voedsel te varen, bestemd voor Bunschoten-Spakenburg en de omliggende regio.
 
In zijn boek “Van gaand en staand want”, schrijft Peter Dorleijn over de inzet van de Bunschoter vloot in de Hongerwinter van 1945.
De meeste tochten gingen naar de kop van Overijssel, Friesland en Drenthe.
Enkele ook naar West Friesland, waar in Broekerhaven en Medemblik ook wel eens een vrachtje georganiseerd kon worden.
Het ging hier om landbouwproducten als kool, erwten en bonen, maar vooral ook om aardappelen. Omdat Bunschoten-Spakenburg weliswaar een agrarisch gebied was – maar met voornamelijk veehouderij en geen akkerbouw – ontstond ook hier een tekort aan aardappelen en groenten. Ook in en rondom Bunschoten Spakenburg werd de situatie precair.
 
Het initiatief voor de voedselvaarten vond plaats onder auspiciën van de VEreniging ter BEhartiging van den Nederlandschen Aardappelhandel (VEBENA).
In 1941 was door de Duitse bezetter bepaald, dat de akkerbouwers alle geproduceerde aardappelen moesten leveren aan de VEBENA.
Zij werd daarmee een semi-overheidsinstelling die de distributie van aardappelen verzorgde.
Deze vereniging onderhield de contacten met de lokale voedselcommissies en zorgde voor papieren (de connossementen) waarop stond waar aardappelen geladen konden worden.
Er was inmiddels ook een ‘Voedselcommissie Spakenburg’ in het leven geroepen, waaraan ook visserijvereniging ‘de Eendracht’ meedeed.
In die commissie zaten H. Koelewijn – als leider van de distributiekring Bunschoten en naast Peter Blokhuis nog  Peter Baas als oud-visser en secretaris van de visserijvereniging ‘de Eendracht’.
Het varen met motorvrachtschepen was praktisch onmogelijk geworden niet alleen door gebrek aan brandstof, maar meer nog vanwege de beschietingen door jachtvliegtuigen.
De schippers aarzelden dan ook aan de voedseltransporten over water te beginnen. Ze waren bang dat handlangers van de bezetter het voedsel in beslag zouden nemen.
Na garantie van de Rijkscommissaris dat het vervoer veilig was, gingen de schippers toch aan de slag. Het vrijwaarde hen bovendien van de “Arbeitseinsatz”.
Botters liepen schijnbaar minder gevaar beschoten te worden.
En ze hadden het voordeel dat zij op de zeilen (zonder brandstof) konden varen.
Hoewel – er zijn ook verhalen bekend van schijnaanvallen op botters!

 

Ook al werd er dan naast de botters geschoten, het was voor de bemanningen wel een erg angstige ervaring.
De eerste tochten werden omstreeks februari 1945 gemaakt. De vissers kregen van VEBENA op, waar en wat ze moesten laden.
De beloning voor de schipper was 15% van de lading of een geldbedrag. Maar geld had in die tijd maar zeer betrekkelijke waarde.
Soms was het ook een kwestie van zelf op zoek gaan.
In principe kregen de vissers dan geen vergoeding voor het varen, maar bijna altijd waren zij wel in staat om voor eigen gebruik en een beetje handel het een en ander te ritselen.
Hans Hoitink, secretaris van Vereniging de Bruine Vloot.

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Ut elit tellus, luctus nec ullamcorper mattis, pulvinar dapibus leo.

Verslag Algemene Ledenvergadering van Vereniging de Bruine Vloot.

Bort Nieuwboer bespreekt de agendapunten met de leden van de VBV.

Vrijdag 22.02.2019 was de jaarlijkse algemene leden vergadering van Vereniging de Bruine Vloot in de Visafslag.
Voorzitter Bort Nieuwboer opende de avond.
Penningmeester Christiaan Bos besprak het financiële verslag van 2018.
Uit de cijfers bleek dat de begroting weinig ruimte biedt. De Visserijdag is ± kostenneutraal, terwijl de Zuidwal Wedstrijden van groot financieel belang voor de bottereigenaren zijn eworden.
Bort nam vervolgens wat relevante activiteiten van het afgelopen jaar 2018 onder de loep, zoals:
SBMS: De belangrijke en waardevolle samenwerking met de Stichting Behoud Museumhaven Spakenburg werd doorgenomen. Voorzitter Marc Schoonebeek en penningmeester Wijnand Bonneveld waren (met enkele vrijwilligers) aanwezig.
Het fonteinkruid: vooral in ons vaargebied de Randmeren blijft dit een grote bron van zorg.
De Visserijdag Spakenburg: Aangezien de veiligheidseisen bij grote evenementen steeds meer aangescherpt zijn en voor verplichte invulling en uitvoering daarvan het geld ontbreekt, is besloten de Visserijdag zoveel mogelijk tot lokaal evenement te beperken.
De geschiedkundige publicaties in De Bunschoter krijgen een vervolg. Ze zijn een goed middel om de historische en culturele waarde van de Bruine Vloot onder de aandacht te brengen bij de bevolking.
Er is een voorzet gegeven voor het opnieuw oprichten van een Trossenloods voor gezamenlijke opslag. De trossenloods – waar visserijmaterialen werden opgeslagen – is sinds 1965 verdwenen .
Ook werd het idee geopperd of het mogelijk is het in 1979 verdwenen Hoge Licht in ere te herstellen.
Er is besproken hoe Vereniging Bruine Vloot en Stichting Behoud Museumhaven Spakenburg naast èn mèt elkaar – maar ieder op eigen wijze – de route kunnen bewandelen naar de toekomst. Regelmatig overleg is daarvoor een vereiste.
De VBV richt zich daarbij op de belangen van de individuele bottereigenaar en probeert veel van de Zuiderzeecultuur in stand te houden, zoals: visserijtechnieken, klederdracht en uiteraard de authentieke botters.
De SBMS manifesteert zich als overkoepelende organisatie die breed middelen en mensen verwerft ten behoeve van behoud en instandhouding van de Museumhaven en haar vissersschepen. Twee enthousiaste stevig gefundeerde groepen, elk met eigen invulling, maar beide met hart voor de goede zaak: het waardevolle culturele erfgoed van Bunschoten Spakenburg.
Verslag en foto: Hans Hoitink, secretaris VBV.

Nieuwjaarsreceptie 11 januari 2019 in de Visafslag

Vrijdagavond 11 januari 2019 was het een drukte van belang in het onderkomen van de Bruine Vloot, de Visafslag. Maar, wie het bestuur al het goede wilde wensen voor het nieuwe jaar 2019 had pech: het bestuur was ziek. Willem van Diermen nam de honneurs waar: heette ieder welkom, bracht de wensen van de bestuursleden over en zorgde er voor dat niemand een droge keel kreeg. Halverwege kwam penningmeester Christiaan Bos toch nog even aanwaaien met zijn twee koters: hij bracht wat borrelhapjes. Het bleef nog lang gezellig in de Visafslag.

Informatieavond SBMS met VBV in de Visafslag – 31.10.2018

De informatieavond van afgelopen 31 oktober in de Visafslag werd goed bezocht door bottereigenaren/liefhebbers en andere betrokkenen.
De voorzitter van de Stichting Behoud Museumhaven Spakenburg (SBMS) Marc Schoonebeek legde het doel van de avond uit en gaf aan elk voor- en najaar een dergelijke avond te willen organiseren.
Aan de hand van een Power Point presentatie gaf hij de aanwezigen updates van meerdere onderwerpen:
de activiteiten van het bestuur,
de vrijwilligers, hun opleiding en het vervolgtraject,
de educatie voor verschillende disciplines,
de aankoop van een of meer schepen,
vorderingen m.b.t. donaties en sponsoren,
liggelden,
botteropstappen,
naamsbekendheid SBMS en VBV , etc.
Tijdens en na de presentatie kon ieder uitleg vragen of ideeën opperen.
Er kwamen zinnige vragen, ludieke voorstellen en waardevolle aandachtspunten naar voren waarmee zowel het bestuur als de commissies verder aan de slag kunnen.
Het was kortom een constructieve en informatieve bijeenkomst. Er wordt van beide kanten uitgekeken naar het vervolg in het komende jaar.

SBMS ontmoet Vereniging de Bruine Vloot

Woensdag 31 oktober is in de Visafslag de tweede bijeenkomst van de Stichting Behoud Museumhaven Spakenburg met de leden van de Vereniging de Bruine Vloot.

Er wordt informatie gegeven door enkele bestuursleden van de Stichting omtrent ontwikkelingen, activiteiten en plannen. Naast leden van de VBV zijn ook de kersverse bottervrijwilligers uitgenodigd.
Bovendien kunnen er vragen gesteld worden, uitleg gevraagd en onzekerheden of twijfels kenbaar gemaakt door de aanwezigen

Schipper/scheepsmaat in opleiding

Schipper/scheepsmaat in opleiding

Wil jij in de voetsporen treden van de legendarische Spakenburgse vissers en leren varen met een echte botter? Volg dan ons opleidingsprogramma en word vrijwilliger!

In een groep van tien personen doorloop je het opleidingsprogramma tot schipper of scheepsmaat op een traditionele botter. Dit traject beslaat tien avonden.

De cursus wordt gegeven in de Rode Loods op de werf bij Scheepstimmerwerf Nieuwboer. Je leert over de historie, het varen en zeilen, het onderhoud, de veiligheid en het begeleiden van gasten. De start van de opleiding is eind februari. De start wordt nog bekend gemaakt

Vanaf april, als het vaarseizoen begint, mag je als vrijwilliger mee met de bemanning op de botter. Je wordt dan begeleid en geïnstrueerd door ervaren bemanningsleden en schippers. 
Is je interesse voor het varen gewekt, dan kun je later ook meevaren tijdens de DARP wedstrijden.

Wil je op een andere manier een bijdrage leveren aan het behoud dan ben je ook van harte welkom. Wij investeren in alle enthousiaste mensen die op wat voor manier dan ook willen bijdragen aan het behoud van zowel de bottervloot als van de Museumhaven Spakenburg.

    Meld je nu aan

De Stichting presenteert zich aan de Bruine Vloot

Vrijdagavond 15 december stelde de dit jaar opgerichte ‘Stichting Behoud Museumhaven Spakenburg’ zich voor aan Vereniging de Bruine Vloot in de Visafslag. Het werd een goed bezochte, informatieve, constructieve en gezellige avond met gretig geïnteresseerden! Een belangrijke ontwikkeling in het voortbestaan van het onmisbare culturele erfgoed van Spakenburg: de Botters, de Museumhaven en de Scheepstimmerwerf.

Na een korte presentatie werden niet alleen de mensen van bestuur en commissies, maar ook de plannen, ideeën en te volgen werkroutes voorgesteld.

Voormalig voorzitter Henk van Diermen gaf inzage in het ontstaansproces. Dit ondervond vertraging door het overlijden van voorzitter Tijmen Kos, zo snel na de mededeling dat hij vanwege gezondheidsredenen moest stoppen. Dat heeft op Henk – met wie Tijmen een duorol had – een dusdanige impact gehad, dat Henk besloten heeft zijn functie neer te leggen, zo gauw er een nieuwe voorzitter was gevonden. Voor Tijmen Kos, werd daarna een minuut passende stilte gehouden.
De nieuwe voorzitter kreeg gestalte in de persoon Marc Schoonebeek. Hij maakte van de gelegenheid gebruik zich te presenteren door wat over zichzelf, de idealen en doelen van de Stichting te vertellen.
Hierna passeerden de belangrijke, nijpende zaken vanuit de Bruine Vloot de revue. Enkele problemen waar bottereigenaren tegenaan lopen werden besproken. Niet overal is pasklaar direct een antwoord op te vinden, maar waar een wil is, is een weg! En door positieve samenwerking met de Bruine Vloot is de SBMS nu goed ingelicht en gefundeerd voorbereid op weg naar het verwezenlijken van dit gezamenlijke gestelde doel.

Sam Balkenende initieerde nog een vrolijk bedankmoment voor Bram Korpádi van KorpadiSign. Hij heeft als donatie aan SBMS de nieuwe website voor de Stichting gratis gebouwd. Vincent de Kieviet kreeg van Bram nog de verdiende aandacht voor zijn geleverde aandeel, advies en kennis vanuit de gemeente hierin. De fles wijn, bioscoopbon en lunchbon voor Buute Bolletjie werden ‘onder protest’ in dank aanvaard.

Tijdens de gezellige nazit met borrel en bittergarnituur was er volop gelegenheid de leden van het bestuur en haar 5 commissies persoonlijk aan te spreken. Daarbij werden vragen gesteld en beantwoord, problemen voorgelegd, wensen kenbaar gemaakt en ideeën gespuid. Naast inbreng van kennis en kunde zijn immers vooral enthousiasme en medewerking van Vereniging de Bruine Vloot belangrijke vereisten.

 

Jan Schuurman

De markante schipper van de BU16 Jan Schuurman is overleden op 31 augustus 2017. Hij was al langere tijd ernstig ziek.
Jan was lid van Vereniging de Bruine Vloot sinds begin tachtiger jaren, nadat hij zijn scheepje ‘Thor’ had ingewisseld voor een stoere botter. Later kwam daar nog de Pluut HK60 bij.

Bij Soundpush en later in zijn eigen The Van Studio heeft hij met veel verve zijn stempel gezet op legio producties van vele binnen- en buitenlandse bekende artiesten. Ook van het Spakenburgs visserskoor zijn meerdere producties door Jan vastgelegd zowel in beeld als geluid.

De studio werd ook beschikbaar gesteld tijdens de beginfase van het Cultuur Platform Bunschoten, waarbij Jan altijd met nieuwe afwijkende ideeën een inspirerende aanjager was.

In de zeilwereld bracht hij met zijn altijd vrolijke aanwezigheid letterlijk en figuurlijk muziek in de botters. Waar in het land ook maar een botterbijeenkomst was, Jan met zijn Carla en zijn BU16 waren er bij, altijd positief, altijd met een lach. Veel prijzen werden door hem en zijn bemanning in de wacht gesleept.

Feesten kon hij als geen ander. Waar Jan op een feestje verscheen, wist hij de sfeer meteen naar zijn hand te zetten met zijn prachtige humor.

Ook de Solexrees en de Fiat 500 club Nederland heeft hij met zijn unieke creaties een boost gegeven. Jan Schuurman, als geen ander zichzelf.

Wij wensen Carla, Paul en Amber, Sander en Marinda, Thijs, Luca, Rick, Sanne, Bram en Saartje, zijn vrienden en allen die hem gaan missen veel sterkte toe bij het verwerken van dit grote verlies. Rust in vrede, lieve vriend. Wat zullen we je missen.